Update
Geachte heer/mevrouw,
Bijgaand treft u een nieuwe INS Update aan. Zie ook onze site met een overzichtelijke database per onderwerp van alle relevante rechtspraak: www.ins-updates.nl.
Rechtspraak
Hierbij ontvangt u de voor u geselecteerde jurisprudentie. Graag wijs ik u in het bijzonder op de volgende uitspraken.
Gerechtshof Amsterdam 28 juli 2026, INS 2026-0185
Het hof oordeelt op een faillissementsaanvraag dat summierlijk is gebleken dat een geturboliquideerde vennootschap nog baten heeft. De jaarrekeningen zijn vanaf de oprichting niet gedeponeerd, zodat de bestuurder in beginsel aansprakelijk is voor het boedeltekort (art. 2:248 BW). Verder is de aanvrager van het faillissement niet op de hoogte gesteld van de turboliquidatie en heeft de vennootschap hierover onvoldoende transparantie betracht. Tot slot is de vennootschap betrokken bij een omvangrijke fraudezaak, wat ook een aanleiding is voor de aanstelling van een curator. Het hof spreekt het faillissement uit.
Gerechtshof Den Haag 14 juli 2026, INS 2026-0182
De curatoren van OAD vorderen van SGR terugbetaling van € 7 miljoen die SGR na het faillissement van OAD onder een bankgarantie heeft getrokken. Zij stellen dat analogische toepassing van artikel 54 Fw zich tegen het trekken van de bankgarantie verzet. Het hof komt aan die vraag niet toe, omdat het beroep van SGR op verjaring slaagt. De curatoren waren eind september 2013 bekend met de relevante feiten en omstandigheden en SGR als aansprakelijke partij, terwijl zij SGR pas op 10 oktober 2018 voor het eerst aansprakelijk hebben gesteld.
Rechtbank Limburg 17 juni 2026, INS 2026-0175
De rechtbank oordeelt dat een distributeur die goederen onder eigendomsvoorbehoud geleverd krijgt, een eigendomsrecht onder opschortende voorwaarde verkrijgt. In lijn met HR Rabobank/Reuser kan deze verkrijger de goederen vervolgens zelf aan een afnemer doorleveren onder een door hem bedongen eigendomsvoorbehoud. Omdat de afnemer de facturen niet volledig betaalde, kon de distributeur zijn eigendomsvoorbehoud uitoefenen, waarna de afnemer geen onvoorwaardelijke eigendom verkreeg. De curator vist daardoor achter het net met zijn vordering tegen de oorspronkelijke leverancier die de voorraad vóór faillissement had teruggehaald.
Rechtbank Midden-Nederland 11 maart en 1 april 2026, INS 2026-0180 en INS 2026-0187
Bij een verlenging van een afgekondigde WHOA-afkoelingsperiode kan de rechtbank de periode laten aansluiten op de eerdere termijn. Van schuldeisers wordt verwacht dat zij de afkoelingsperiode respecteren totdat op het verlengingsverzoek is beslist. In beginsel is een tijdelijke voorziening daarom niet nodig.
Bij het verlengingsverzoek moet de rechtbank beoordelen of belangrijke vooruitgang is geboekt in de totstandkoming van het akkoord. De schuldenaar moet daarom wel voorbereidingen treffen voor de aanbieding van een akkoord. De afkoelingsperiode is niet bedoeld om uitsluitend de verkoop van aandelen te faciliteren.
Vragen of opmerkingen
Mocht u vragen of opmerkingen hebben over deze nieuwsbrief, dan kunt u mailen naar klantenservice@boom.nl.
Met vriendelijke groet,
Erik de Kloe
Hoofdredacteur INS Updates
Hof
- Gerechtshof Den Haag Hof acht de Nederlandse rechter bevoegd voor aansprakelijkheidsvorderingen tegen de curator van een nv die in Bonaire failliet is verklaard. Naar het oordeel van het hof rechtvaardigt voldoende samenhang met de vorderingen tegen de Staat en een adviseur van de curator op grond van artikel 7 lid 1 Rv een gezamenlijke behandeling. 28-07-2026
- Gerechtshof Amsterdam Het hof oordeelt dat summierlijk is gebleken dat de geturboliquideerde vennootschap nog baten heeft. De jaarrekeningen zijn vanaf de oprichting niet gedeponeerd, zodat de bestuurder in beginsel aansprakelijk is voor het boedeltekort (art. 2:248 BW). Verder is de aanvrager van het faillissement niet op de hoogte gesteld van de turboliquidatie en heeft de vennootschap hierover onvoldoende transparantie betracht. Tot slot is de vennootschap betrokken bij een omvangrijke belastingfraudezaak, wat ook een aanleiding vormt voor de aanstelling van een curator. 28-07-2026
- Gerechtshof Den Haag De curatoren van OAD vorderen van SGR terugbetaling van € 7 miljoen die SGR na het faillissement van OAD onder een bankgarantie heeft getrokken. Zij stellen dat analogische toepassing van artikel 54 Fw zich tegen het trekken van de bankgarantie verzet. Het hof komt aan die vraag niet toe, omdat het beroep van SGR op verjaring slaagt. 14-07-2026
Rechtbank
- Rechtbank Oost-Brabant In het faillissement van Land Equity B.V. en Certitudo Vastgoed II B.V. speelt de vraag of de vordering tot betaling van erfpachtcanon over 2024 een (voorwaardelijk) bestaande of toekomstige vordering was op het moment van de faillietverklaring in oktober 2023. De rechtbank stelt prejudiciële vragen aan de Hoge Raad. 29-07-2026
- Rechtbank Limburg De rechtbank oordeelt op een verzoek tot inbewaringstelling van de bestuurder van twee failliete vennootschappen. De rechtbank constateert dat de bestuurder verplichtingen heeft geschonden, maar wijst het verzoek tot inbewaringstelling toch af. De curator had eerst minder vergaande middelen moeten aanwenden. 22-07-2026
- Rechtbank Gelderland De rechtbank is met de curator van oordeel dat de bestuurder met het verlenen van de toestemming voor lief heeft genomen dat de rekening-courantschuld van een schuldenaar aan TVK eerst inbaar was maar daarna mogelijk oninbaar. De rechtbank verklaart voor recht dat de (voormalig) bestuurder aansprakelijk is (ex art. 2:9 BW) voor de schade die TVK heeft geleden doordat zij als bestuurder die toestemming heeft verleend. 22-07-2026
- Rechtbank Midden-Nederland De rechtbank overweegt dat uit de prognoses volgt dat actief te gelde moet worden gemaakt om de lopende kosten te voldoen. Hierdoor verslechtert de verhaalspositie van de schuldeisers, terwijl de meerwaarde van een WHOA-akkoord niet aannemelijk is gemaakt. 21-07-2026
- Rechtbank Rotterdam Verzoeker wist dat verweerster, GGP B.V., de aan het verzoek ten grondslag gelegde vorderingen betwist en ook niet in de faillissementstoestand verkeert. Verzoeker maakt misbruik van zijn bevoegdheid het faillissement van GGP aan te vragen. De rechtbank wijst het verzoek af en veroordeelt verzoeker in de proceskosten. 14-07-2026
- Rechtbank Noord-Holland Onbehoorlijke taakvervulling door de bestuurders staat vast, maar ze bewijzen dat dit niet een belangrijke oorzaak was van het faillissement. De activa zijn verkocht in het kader van uitwinning pandrecht, terwijl de curator onvoldoende heeft gesteld voor de conclusie dat de koopprijs te laag was. Van schuldeisersbenadeling is daarom geen sprake. 17-06-2026
- Rechtbank Limburg De rechtbank oordeelt dat een distributeur die goederen onder eigendomsvoorbehoud geleverd krijgt, een eigendomsrecht onder opschortende voorwaarde verkrijgt. In lijn met HR Rabobank/Reuser kan deze verkrijger de goederen vervolgens zelf aan een afnemer doorleveren onder een door hem bedongen eigendomsvoorbehoud. Omdat de afnemer de facturen niet volledig betaalde, kon de distributeur zijn eigendomsvoorbehoud uitoefenen, waarna de afnemer geen onvoorwaardelijke eigendom verkreeg. De curator vist daardoor achter het net met zijn vordering tegen de oorspronkelijke leverancier die de voorraad vóór faillissement had teruggehaald. 17-06-2026
- Rechtbank Midden-Nederland Bij een verzoek tot verlenging van een afkoelingsperiode moet de rechtbank beoordelen of belangrijke vooruitgang is geboekt in de totstandkoming van het akkoord. De schuldenaar moet daarom wel voorbereidingen treffen voor de aanbieding van een akkoord. De afkoelingsperiode is niet bedoeld om uitsluitend de verkoop van aandelen te faciliteren. De afkoelingsperiode wordt verlengd, maar de aangewezen observator moet de rechtbank na ruim een maand informeren over de voortgang die is geboekt bij de totstandkoming van het akkoord. 01-04-2026
- Rechtbank Midden-Nederland Bij een verlenging van een afgekondigde afkoelingsperiode kan de rechtbank de periode laten aansluiten op de eerdere termijn, mits het verzoek is ingediend voor het verstrijken van de lopende termijn. Van schuldeisers wordt verwacht dat zij de afkoelingsperiode respecteren totdat op het verlengingsverzoek is beslist. In beginsel is een tijdelijke voorziening daarom niet nodig. 11-03-2026
- Rechtbank Rotterdam De rechtbank kondigt een afkoelingsperiode af en stelt een observator aan. Ongeveer twee weken na afkondiging van de afkoelingsperiode wordt deze weer opgeheven. Volgens de observator verkeert verzoekster in de faillissementstoestand en heeft zij inmiddels eigen aangifte van faillietverklaring gedaan. 19-01-2026