Update
Geachte heer/mevrouw,
Bijgaand treft u een nieuwe INS Update aan. Zie ook onze site met een overzichtelijke database per onderwerp van alle relevante rechtspraak: www.ins-updates.nl.
Rechtspraak
Hierbij ontvangt u de voor u geselecteerde jurisprudentie. Graag wijs ik u in het bijzonder op de volgende uitspraken.
Hoge Raad 13 februari 2026, INS 2026-0040
Wordt het salaris van een werknemer dat op grond van artikel 40 lid 2 Fw als boedelschuld kan worden gekwalificeerd niet op tijd betaald, dan is de wettelijke rente daarover ook boedelschuld. Dat geldt ook voor de wettelijke verhoging als bedoeld in artikel 7:625 BW. De wettelijke verhoging is zelfs een preferente boedelschuld op grond van artikel 3:288 aanhef en onder e BW. De rechter heeft de discretionaire bevoegdheid om de wettelijke verhoging te matigen. Het faillissement of de betalingsonmacht van de werkgever kan hiervoor een grond zijn, maar dat is aan de (feiten)rechter. Vanwege het discretionaire karakter van de matigingsbevoegdheid kan de Hoge Raad niet concretiseren wanneer het faillissement of de betalingsonmacht grond is voor matiging.
Gerechtshof Amsterdam 27 januari 2026, INS 2026-0039
De opening van een Kroatische pre-faillissementsprocedure (Predstečajni postupak) heeft geen schorsende werking op in Nederland aanhangige rechtsvorderingen. Op grond van artikel 7 lid 2 onder f en artikel 18 Insolventieverordening is Nederlands recht beslissend voor het antwoord op de vraag welk gevolg de opening van de buitenlandse procedure heeft voor lopende procedures. Artikel 27-29 Fw en artikel 231 Fw leiden naar het oordeel van het hof niet tot schorsing of overname van het geding door een Kroatische insolventiefunctionaris. De reden hiervoor is dat de procedure in Kroatië niet tot gevolg heeft gehad dat de vennootschap het beheer en de beschikking heeft verloren met betrekking tot bij het hof lopende rechtsvorderingen betreffende goederen/rechten die onderdeel zijn van de boedel.
Rechtbank Zeeland-West-Brabant 24 december 2025, INS 2026-0047
De rechtbank Zeeland-West-Brabant oordeelt dat het bestuur van de gefailleerde thuiszorginstelling Het Zorgpunt aansprakelijk is voor het boedeltekort. Er is structureel meer zorg gedeclareerd dan feitelijk is geleverd. Dit levert zorgfraude op en kwalificeert als kennelijk onbehoorlijke taakvervulling in de zin van artikel 2:248 lid 1 BW. Naar aanleiding van de onregelmatigheden had VGZ besloten geen nieuwe overeenkomst te sluiten. Toen het Openbaar Ministerie beslag had gelegd op de bankrekeningen van Het Zorgpunt was het faillissement onvermijdelijk. De rechtbank oordeelt om deze reden dat de zorgfraude en dus het kennelijk onbehoorlijk bestuur een belangrijke oorzaak is geweest van het faillissement. De rechtbank wijst een voorschot op het boedeltekort toe van € 400.000. De curator heeft ook een bestuursverbod gevorderd. Omdat een vennootschap waarvan een van de bestuurders ook bestuurder is niet in de gelegenheid is gesteld een zienswijze te geven, houdt de rechtbank de zaak aan om die gelegenheid alsnog te geven.
Vragen of opmerkingen
Mocht u vragen of opmerkingen hebben over deze nieuwsbrief, dan kunt u mailen naar klantenservice@boom.nl.
Met vriendelijke groet,
Erik de Kloe
Hoofdredacteur INS Updates
Hoge Raad
Hof
- Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden De oprichters van een stichting stellen, als belanghebbenden, verzet in tegen de toegewezen eigen aanvraag van het faillissement van de stichting. De rechtbank heeft het verzet afgewezen. In hoger beroep tegen dit vonnis oordeelt het hof dat er sprake is van een toestand van opgehouden hebben te betalen ten tijde van de faillietverklaring door de rechtbank. Het is volgens het hof onvoldoende aannemelijk dat er sprake is van misbruik van bevoegdheid. De faillissementsprocedure leent zich niet voor een uitgebreid onderzoek naar de gang van zaken in de aanloop naar de eigen aangifte. 24-02-2026
- Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden Een dag voor de faillissementszitting heeft de aanvrager het verzoek ingetrokken. De rechtbank wees het verzoek om een proceskostenveroordeling af, maar in hoger beroep wijst het hof dat verzoek toe. Niet summierlijk is gebleken van het vorderingsrecht van de aanvrager en er was geen goede reden voor intrekking van het verzoek. 29-01-2026
- Gerechtshof Amsterdam De opening van een Kroatische pre-faillissementsprocedure (Predstečajni postupak) heeft geen schorsende werking op in Nederland aanhangige rechtsvorderingen. Op grond van artikel 7 lid 2 onder f en artikel 18 Insolventieverordening is Nederlands recht beslissend, en toepassing van artikel 27-29 Fw en artikel 231 Fw leidt niet tot schorsing of overname van het geding door een Kroatische insolventiefunctionaris. 27-01-2026
Rechtbank
- Rechtbank Overijssel Twee van de gedaagde bestuurders kunnen hun medebestuurders in vrijwaring oproepen, omdat voldoende aannemelijk is dat er – als zij in de hoofdzaak aansprakelijk worden gehouden – een regresvordering op die medebestuurders kan bestaan. 18-02-2026
- Rechtbank Limburg Het verzet is ingesteld door de schuldenaar nadat zijn faillissement is uitgesproken. De rechtbank oordeelt daarom dat de schuldenaar niet-ontvankelijk is in zijn verzet. 11-02-2026
- Rechtbank Limburg De ene aandeelhouder en bestuurder heeft het faillissement aangevraagd van W+E B.V. De andere aandeelhouder stelt dat de algemene vergadering hiertoe geen opdracht heeft gegeven. Omdat de rechtbank niet kan vaststellen dat rechtsgeldig een algemene vergadering bijeen is geroepen, wijst de rechtbank de faillissementsaanvraag af. 03-02-2026
- Rechtbank Rotterdam De rechtbank Rotterdam heeft uitspraak gedaan over de vraag of een rechter-commissaris kan worden benoemd in het kader van een naar het recht van Engeland en Wales geopende Administration. 26-01-2026
- Rechtbank Zeeland-West-Brabant Verzoek tot afkondiging van een afkoelingsperiode wordt afgewezen, omdat onvoldoende is onderbouwd dat de afkoelingsperiode het belang van de gezamenlijke schuldeisers dient en dat hun positie gedurende die periode voldoende is gewaarborgd. 09-01-2026
- Rechtbank Zeeland-West-Brabant De rechtbank Zeeland-West-Brabant oordeelt dat het bestuur van de gefailleerde thuiszorginstelling Het Zorgpunt aansprakelijk is voor het boedeltekort. Er is structureel meer zorg gedeclareerd dan feitelijk is geleverd. Dit levert zorgfraude op en kwalificeert als kennelijk onbehoorlijke taakvervulling in de zin van artikel 2:248 lid 1 BW. 24-12-2025
- Rechtbank Den Haag Pensioenfonds maakt misbruik van bevoegdheid door medewerking aan saneringsakkoord te weigeren. Met het akkoord wordt een faillissement voorkomen, hetgeen gelet op de omstandigheden van het geval in het belang van de werknemers is. 15-12-2025