Naar boven ↑

Update

Nummer 6, 2026
Uitspraken van 6 maart 2026 tot 19 maart 2026
Redactie: prof. mr. E.C.H.J. Lokin, mr. H.J. de Kloe, mr. E. Ayerdem, mr. R.J.H. Berghuis, mr. J.O. Bijloo, mr. S.J. van den Boogert, mr. H. Boven, mr. A.D. van Dalen, mr. J. van den Dolder, mr. N. Gamliël, mr. C.M.A. Knoben, mr. I.F.M. Lakwijk, mr. K.C.S. Meekes, mr. A.M.H. Nolte, mr. J.E. van Nuland, mr. W.P.IJ. Overgoor, mr. M. Pinar, mr. B.S. Pronk, mr. dr. S. Renssen, mr. D.R.C. Smit, mr. W.T.N. Vlasveld, mr. J.H.M. van de Wiel en mr. S. Zonneveld.

Geachte heer/mevrouw,

Bijgaand treft u een nieuwe INS Update aan. Zie ook onze site met een overzichtelijke database per onderwerp van alle relevante rechtspraak: www.ins-updates.nl.

Rechtspraak
Hierbij ontvangt u de voor u geselecteerde jurisprudentie. Graag wijs ik u in het bijzonder op de volgende uitspraken.

Rechtbank Gelderland 11 februari 2026, INS 2026-0059
Een curator heeft met succes een koopovereenkomst met betrekking tot een bedrijfspand vernietigd op grond van artikel 42 Fw. Als gevolg van de vernietiging kon de curator (ook) aanspraak maken op misgelopen huurinkomsten op grond van ongerechtvaardigde verrijking. De rechtbank overweegt dat de boedel door betaling van de koopsom is gebaat voor zover de koopsom is gebruikt voor de aflossing van de hypotheekschuld. De koper van het bedrijfspand heeft daarom een boedelvordering van ruim € 46.000 (art. 51 lid 3 Fw). Deze vordering mag naar het oordeel van de rechtbank worden verrekend met de schuld aan de boedel in verband met misgelopen huurinkomsten.

Rechtbank Amsterdam 21 januari 2026, INS 2026-0058. Met wenk
Een schuldeiser komt in verzet tegen een in Nederland uitgesproken faillissement op eigen aangifte. Bij de behandeling van die eigen aangifte was de rechtbank niet geïnformeerd over een al eerder in het Verenigd Koninkrijk (door de schuldeiser) aanhangig gemaakt faillissementsverzoek. De rechtbank acht deze omissie een ernstige schending van artikel 21 Rv en vernietigt het Nederlandse faillissementsvonnis. De rechtbank ziet geen aanleiding om nog inhoudelijk te onderzoeken of de COMI van de schuldenaar in Nederland of het Verenigd Koninkrijk ligt. In haar wenk besteedt Inge Lakwijk onder meer aandacht aan de vraag of het in lijn is met andere rechtspraak dat het verzoek wordt afgewezen wegens schending van artikel 21 Rv.

Rechtbank Noord-Holland 14 januari 2026, INS 2026-0050
Een bestuurder is aansprakelijk voor het gehele boedeltekort (ex art. 2:248 BW), en wordt veroordeeld tot betaling van een voorschot van € 234.000. De bestuurder heeft eveneens een rekening-courantschuld van € 636.331 aan de failliete vennootschap. De primaire vordering van de curator uit hoofde van een rekening‑courant wordt niet afzonderlijk beoordeeld. De vordering uit artikel 2:248 BW is voor de schuldeisers toereikend en voorkomt een 'vestzak‑broekzak‑situatie', nu de bestuurder ook enig aandeelhouder is.

Rechtbank Amsterdam 24 december 2025, INS 2026-0052
Nadat de curator had gevraagd een rekening van een failliete natuurlijke persoon te deblokkeren, heeft bunq het volledige account gedeblokkeerd. Tijdens faillissement is daardoor een bedrag van ruim € 314.000 op de rekeningen van de schuldenaar ontvangen en weer afgeschreven/opgenomen. Omdat de schuldenaar tijdens faillissement niet bevoegd was betalingsopdrachten te geven (art. 23 en 24 Fw), wijst de rechtbank de vordering van de curator tot afdracht van dit bedrag toe.

Vragen of opmerkingen
Mocht u vragen of opmerkingen hebben over deze nieuwsbrief, dan kunt u mailen naar klantenservice@boom.nl.

Met vriendelijke groet,

Erik de Kloe
Hoofdredacteur INS Updates

Hof

Rechtbank