Naar boven ↑

Update

Nummer 4, 2026
Uitspraken van 6 februari 2026 tot 19 februari 2026
Redactie: prof. mr. E.C.H.J. Lokin, mr. H.J. de Kloe, mr. E. Ayerdem, mr. R.J.H. Berghuis, mr. J.O. Bijloo, mr. S.J. van den Boogert, mr. H. Boven, mr. A.D. van Dalen, mr. J. van den Dolder, mr. N. Gamliël, mr. C.M.A. Knoben, mr. I.F.M. Lakwijk, mr. K.C.S. Meekes, mr. A.M.H. Nolte, mr. J.E. van Nuland, mr. W.P.IJ. Overgoor, mr. M. Pinar, mr. B.S. Pronk, mr. dr. S. Renssen, mr. D.R.C. Smit, mr. W.T.N. Vlasveld, mr. J.H.M. van de Wiel en mr. S. Zonneveld.

Geachte heer/mevrouw,

Bijgaand treft u een nieuwe INS Update aan. Zie ook onze site met een overzichtelijke database per onderwerp van alle relevante rechtspraak: www.ins-updates.nl.

Rechtspraak
Hierbij ontvangt u de voor u geselecteerde jurisprudentie. Graag wijs ik u in het bijzonder op de volgende uitspraken.

Rechtbank Noord-Nederland 13 januari 2026, INS 2026-0034
Het komt regelmatig voor dat het faillissement wordt aangevraagd van een geturboliquideerde rechtspersoon. Zo ook in deze kwestie. Bij het handelsregister is ingeschreven dat de vennootschap is ontbonden en is opgehouden te bestaan omdat de vennootschap op het moment van de ontbinding geen baten had. Desondanks vragen twee schuldeisers het faillissement van de vennootschap aan. Volgens de verzoeksters zou een ontbindingsbesluit ontbreken. De rechtbank overweegt dat genoegzaam is gebleken dat niet is besloten tot ontbinding, zodat de vennootschap niet is geturboliquideerd. Omdat aan de (overige) voorwaarden van de faillietverklaring is voldaan, spreekt de rechtbank het faillissement uit.
Soms valt het kwartje ook de andere kant op. In een uitspraak van het gerechtshof Den Haag van 25 november 2025 (INS 2026-0035) wordt een uitgesproken faillissement juist vernietigd omdat niet summierlijk is gebleken dat de geturboliquideerde vennootschap (potentiële) baten heeft. Ondanks het feit dat de vennootschap daarmee is opgehouden te bestaan, brengt het hof de faillissementskosten ten laste van de vennootschap.

Rechtbank Midden-Nederland 12 januari 2026, INS 2026-0031
De rechtbank overweegt dat een bestuurder zijn inlichtingen- en medewerkingsplicht heeft geschonden. Dat rechtvaardigt een verlenging van de inbewaringstelling die eerder is bevolen. Omdat de curator ter zitting heeft verklaard dat hij verwacht dat de bestuurder van de eerdere uitvoering van het bevel tot inbewaringstelling zodanig onder de indruk is geraakt dat hij aan zijn verplichtingen zal voldoen, schorst de rechtbank de inbewaringstelling onder voorwaarden. Die voorwaarden zijn dat de bestuurder de curator binnen twee weken alle gevraagde inlichtingen zal verschaffen en gedurende twee weken zijn paspoort in bewaring geeft aan de curator.

Rechtbank Den Haag 7 januari 2026, INS 2026-0033
De rechtbank homologeert een WHOA-akkoord. Vrijwel alle stemgerechtigden hebben ingestemd, maar een paar schuldeisers, die gezamenlijk een belang van 0,48% vertegenwoordigen, hebben niet ingestemd. Omdat geen verzoek tot afwijzing van het homologatieverzoek is ingediend, toetst de rechtbank alleen aan de algemene afwijzingsgronden van artikel 384 lid 2 Fw. Met het akkoord wordt een waarde verdeeld van ruim € 17 mln, terwijl de reorganisatiewaarde bijna € 19 mln bedraagt. Dit leidt niet tot afwijzing van het homologatieverzoek, omdat het niet mogelijk bleek de volledige reorganisatiewaarde te financieren.

Vragen of opmerkingen
Mocht u vragen of opmerkingen hebben over deze nieuwsbrief, dan kunt u mailen naar klantenservice@boom.nl.

Met vriendelijke groet,

Erik de Kloe
Hoofdredacteur INS Updates

Hof

Rechtbank