Ontzenuwing van bewijsvermoedens en feitelijke beleidsbepaling binnen een stichting (art. 2:138 lid 7 BW)
In dit tussenarrest beoordeelt het Hof ’s-Hertogenbosch het vonnis van de rechtbank Oost-Brabant waarin persoon C, persoon D en persoon A hoofdelijk aansprakelijk zijn gesteld voor het boedeltekort in het faillissement van de Stichting. Het hof wijst alle vorderingen van de curator af en vernietigt ook de uitspraken in de vrijwaringsprocedure. Centraal staat dat het wettelijke bewijsvermoeden van artikel 2:138 lid 2 BW is ontzenuwd en er geen sprake is van kennelijk onbehoorlijk bestuur.
Gerechtshof 's-Hertogenbosch (Locatie 's-Hertogenbosch), 02-09-2025